Gemeenschapshuizen
Column Bert

Het aantal gemeenschapshuizen in Limburg slinkt behoorlijk. Vaak werden deze buurthuizen geïnitieerd door de parochies met royale medewerking van een brouwerij, later sprong de gemeente nogal eens bij.  Maar helaas, brouwerijen stoppen huurovereenkomsten en ook gemeenten laten het vaak afweten. Het is nu vooral aan de exploitant zelf om het buurthuis exploitabel en rendabel te maken.

Dat dat goed kan bewijzen vader Erik Cremers en zoon Mitchell in respectievelijk Gasterie Dobbelsteyn in Doenrade en Genhout Treft in Genhout. In beide zaken is dagelijks reuring, van kienavonden tot fitnesslessen en van kooravonden tot toneelrepetities en uitvoeringen.  In Genhout sleept Mitchell zelf met stoelen en tafels om telkens de juiste opstelling te plaatsen voor een lezing, een bingoavond  of wat dan ook. Hij biedt zelf catering aan en op bepaalde avonden maaltijden en werkt samen met het bakhoes, een door de dorpsgemeenschap zelf gebouwde pleisterplaats.

De belendende zaal wordt overdag gebruikt als gymzaal van de plaatselijke lagere school, ’s avonds zet Mitchell de zaal in voor extra verenigingsactiviteiten. Een belendende ruimte is toegevoegd aan de zaal en doet nu dienst  als podium voor de carnavalsvereniging, de Effe Wachte Band en de toneelvereniging. Zij bouwden mee aan dat podium. In de kelder is nu een jeugdruimte gepland. Gasten komen inmiddels van ver buiten het dorp.

Mitchell omarmt het dorp, woont er inmiddels en is dit jaar uitgeroepen tot carnavalsprins van Genhout. Is er een mooier bewijs dat het dorp Mitchell ook omhelst? En het dorpshuis is inmiddels een commercieel succes!

Bert Salden
hoofdredacteur Gastvrij Magazine